Nieuwsbrief NPOB
editie 20 oktober 2013
Regionale vereniging voor Natuur en Landschap
Beheerde natuur.gebieden in je gemeente als hefboom voor koestersoorten en biodiversiteit

Kom naar de Verenigingsraad op 15 november: zie vorige nieuwsbrief

 

•••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••
Nieuw ontwerpdecreet dat vooral oog heeft voor land- en boseigenaars als hoeksteen
voor natuurbeheer, dreigt reservatenbeleid en efficient natuurbehoud onderuit te halen.
•••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••

 

Voor natuurbehoud en bos gelden momenteel twee decreten, nml. het decreet op het natuurbehoud en het natuurlijk milieu (1997) en het bosdecreet (1990).

De doelstellingen van de huidige decreten: nog lang niet gerealiseerd

In het decreet op het natuurbehoud is principieel uitgegaan van een horizontale bescherming van de natuur overal, ongeacht de bestemming. Voor deze natuur geldt de stand still en de zorgplicht. De invulling van deze horizontale bescherming ongeacht de bestemming is echter steeds op grote weerstand gebotst en er is weinig van in huis gekomen.

Een tweede deel van het decreet is het gebiedsgericht beleid. Daarin was een bindende taakstelling opgenomen om voor eind 2002 te komen tot de afbakening van 125 000 ha Grote Eenheid Natuur of Grote Eenheid Natuur in Ontwikkeling, samen het VEN, en 150 000 ha Natuurverbindingsgebied in een ondersteunend netwerk. Voor deze gebieden moesten 5 jaar later de natuurrichtplannen opgesteld zijn. Hier was de overheid de actor met als resultaat: veel te weinig, zelfs bitter weinig van in huis gekomen. Niet omwille van gebrek aan instrumenten maar door een gebrek aan politieke wil.

Blauwe knoop in een vegetatie met Karwijselie, Tormentil, Kattedoorn in de Paddepoel/Velpevallei Bunsbeek: Hoogwaardige natuur maar bestemming Landbouwgebied en buiten Natura 2000. Nieuwe regelgeving maakt het moeilijk dergelijke gebieden nog in beheer te nemen... Decreet op de inperking van het natuurbehoud...

Links: kleine vuurvlinder op blauwe knoop.
Rechts: kattedoorn, tormentil, karwijselie, knoopkruid, bertram: dankzij beheerd natuur.gebied. Buiten Europees Natura 2000 netwerk en landbouwgebied. Kansen voor beheer van zulke gebieden worden ingeperkt in voorstel Decreet en uitvoeringsbesluit.

Een derde luik was het reservatenbeleid. Er werd aangegeven hoe en waar reservaten konden tot stand komen en erkend worden. Vooral in deze laatste groep is door de grote inspanningen en eigen inbreng van de terreinbeherende verenigingen heel wat gerealiseerd. Als er ergens gewerkt is aan de ombuiging van de achteruitgang van de biodiversiteit, dan is het in het reservatenbeleid. Maar ook hier lopen de erkenningen meer dan 6000 ha achterop waardoor heel de beheerlast op de schouders van de terreinbeherende verenigingen komt te liggen, en dus met alle kosten op de rug van de vele vrijwilligers. Nochtans zijn deze reservaten de focuspunten en sterkmakers van de biodiversiteit. Als het met sommige groepen en soorten beter gaat, is dat in een belangrijke mate te danken aan de vorming van reservaten, uitgebouwd dank zij grote inspanningen van een heel netwerk van betrokken vrijwilligers bij de restfinanciering en bij het beheer. Want van het gebiedsgericht beleid met betrekking tot het VEN en de operationele natuurrichtplannen werd quasi niets gerealiseerd, net zomin als van de natuurverwevingingsgebieden. Voor de natuurverwevingsgebieden werd de bindende taakstelling om 150 000 ha af te bakenen in het decreet opgenomen, en die kreeg ook in de bindende ruimtebalans van het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen dezelfde status als de af te bakenen 38 000 ha nieuwe natuur, 10 000 ha bijkomend bos en 750 000 ha agrarisch gebied. Vanuit landbouwhoek eist men constant dat de 750 000 ha agrarisch gebied gehonoreerd zouden worden door een herbevestiging, maar van de 150 000 ha natuurverwevingsgebieden die in hetzelfde engagement stonden, is nergens nog sprake en ook voor de afbakening van de bijkomende natuur- en bosgebieden is nog een hele weg af te leggen.

Internationale belangstelling voor beheerd natuur.gebied met bestemming Landbouwgebied met massaal karwijselie. Als de nieuwe regelgeving goedgekeurd wordt dan wordt het morgen moeilijk om zulke terreinen buiten het Europees Natura 2000 netwerk nog in beheer te nemen.

Het bosdecreet voorzag een grotere toegankelijkheid en verplichte beheersplannen voor elk bos grote dan 5 ha. Als de wet nageleefd werd dan zouden op dit ogenblik alle bossen groter dan 5 ha over een bosbeheerplan moeten beschikken.

En wat stellen we nu vast?

Onder voorwendsel van een vereenvoudiging en integratie en omwille van de invulling van de verplichtingen betreffende Europese Natuur in Vlaanderen worden de systemen van het natuurdecreet en het bosdecreet grondig op de helling gezet. Geen sprake meer van een verplichting, wel nieuwe geïntegreerde beheersplannen in verschillende gradaties op basis van vrijwilligheid. De lat wordt zo laag gelegd dat bv. een golfterrein perfect kan passen binnen een beheersplan type 2 met 25% natuurdoelen en subsidies hiervoor kan ontvangen. De huidige systemen worden verlaten voor de nieuwe systemen die noch gebiedsdekkend noch sluitend zijn. Zowel het huidig systeem van de natuurreservaten als de verplichte bosbeheerplannen, die al moesten goedgekeurd zijn, komen op de helling te staan. Voor de private eigenaar zijn er alleen nog vrijwillige beheerplannen waar hij vrij eenvoudig kan uitstappen. Dus geen garantie meer op duurzaamheid en de door de overheid (en dus door de burger) gesubsidieerde inspanningen voor meer natuur kunnen op elk moment ongedaan gemaakt worden en uitmonden in een kapitaalvernietiging.

Repareren of totaal verwerpen?

Indien een nieuwe decretale regeling echt wil bijdragen aan meer natuur en dus aanvaardbaar wil zijn, dan is het absoluut noodzakelijk dat vooreerst de basisbescherming van natuur ongeacht de bestemming drastisch opgetrokken wordt en dat natuur overal onder de code van een goede natuurpraktijk valt. Het horizontaal beleid in het decreet van 1997 biedt daar een mogelijkheid toe, maar moet versterkt en geïmplementeerd worden.

Een tweede absolute voorwaarde is dat bij de verschillende beheersplannen de lat voldoende hoog gelegd wordt, niet alleen qua maatregelen maar vooral in functie van resultaten, en dat echte garanties voor duurzaamheid ingebouwd worden om te voorkomen dat de investeringen verloren gaan. We kennen dit fenomeen al voldoende van de beheersovereenkomsten (BO) met landbouwers, waar een strook met graslandnatuur na de periode van 5 jaar doodgespoten, omgeploegd en terug ingezaaid wordt om een nieuwe BO Natuur voor een periode van 5 jaar te kunnen sluiten, nadat alles ‘proper’ gemaakt is. Pure geldverspilling en kapitaalvernietiging. Perfect legaal want de maatregelenverplichting werd opgevolgd. Onredelijk maar de gangbare praktijk. Maar vanuit een Brusselse bureaucratische mentaliteit ziet men die aberratie niet: het aantal ha beheer(sovereenkomst) en de deelname van doelgroepen wordt als resultaat geteld, niet het realiseren van duurzame natuur. Wat zich bij beheersovereenkomsten tav landbouw voordoet, dreigt zich nu te herhalen bij de doelgroepen van de nieuwe natuurbeheerders die nu plots met grote liefde en affiniteit voor natuur – als het kan naar hun beeld en gelijkenis zie maar naar de jachtnatuur - gaan zorgen: landeigenaars, grootgrondbezitters, boseigenaars, jagers. Als je het beheer door landeigenaars, grootgrondbezitters, boseigenaars en jagers per sé tot het speerpunt van het nieuwe natuurbeleid wil maken, moet de duurzaamheid van de bereikte natuurresultaten geteld worden en niet de individuele maatregelen. Een categorie (in het voorstel type 2) waar amper 25% van de oppervlakte Habitats gerealiseerd wordt, is wel zeer laagdrempelig . De vraag rijst of dit wel een goede benadering is.
Het nieuwe decreet mikt op de vermenigvuldiging van het aantal actoren voor een geherdefinieerd natuurbeheer: iedereen met andere woorden natuurbeheerder. Inzetten op dit nieuwe natuurbeleid betekent de facto de restauratie van de oude actoren, nl een alliantie van grond en jacht, die het altijd voor het zeggen heeft gehad in het landelijk gebied. Dit vereist alleszins een sterke en onafhankelijke scheidsrechter, spelverdeler en controle-instantie op resultaten en niet enkel op formalistische maatregelen. Maar ANB die deze sturende regisseur en spelverdeler zou moeten zijn, is tezelfdertijd één van de beheerders-actoren in een grote veelheid van actoren en zit dus in een spagaat tussen beheerder en beleidsvoerder: zij is dus rechter én partij.

Door deze aanpak ‘iedereen natuurbeheerder, die natuur bezit’ dreigt het reservatenbeleid en de erkende terreinbeherende verenigingen, die juist het verschil maakten en de desem zijn voor een biodiversiteitsbeleid, totaal in de verdrukking te komen. In het oorspronkelijke ontwerp werd zelfs geen aparte beleidscategorie voor de reservaten voorzien. Deze is echt nodig als herkenbare categorie voor de echte hoogkwalitatieve en duurzame natuur die beheerd wordt vanuit een resultaatsverbintenis in functie van de biodiversiteit. Het is absoluut nodig om de continuïteit en de erkenning van het reservatenbeleid te garanderen en dat is niet het geval in het initieel voorliggend ontwerp.
Dat een decreet voor natuurbehoud daarenboven de mogelijkheden van de huidige reservatenvorming drastisch zou inperken, is absurd en onaanvaardbaar. Het is tekenend dat zulke voorstellen in voorontwerpteksten van een decreet komen. Zo wordt een nieuw decreet een decreet op de inperking van het natuurbehoud. Door het wegvallen van de natuurrichtplannen wordt het beleid gericht op VEN en Natuurverwevingsgebied de facto van zijn substantie ontdaan. Het gebiedsgericht natuurbeleid dreigt gereduceerd te worden tot de Europese verplichtingen mbt Natura 2000 waar alles aan opgeofferd wordt en alles wat daarbuiten ligt als zonevreemde natuur en beleidsvrije natuur wordt aanzien.

De orchideeëngraslanden van de Snoekengracht met 10 000 brede orchis en massa knolsteenbreek zijn geen Europese Habitat. Indien de Snoekengracht wél in een Speciale Beschermingszone Natura 2000 was gelegen, is het gevaar reëel dat we het beheersplan verplicht zouden moeten bijstellen om de orchideeëngraslanden om te vormen tot bv. een elzenbroekbos, wat een Europese Habitat is.

Het is goed dat het nieuwe decreet de nodige maatregelen voorziet om de Instandhoudingsdoelstellingen (IHD) te realiseren in het kader van de Europese verplichtingen rond Natura 2000. Maar het is onaanvaardbaar en ongehoord dat de bestaande natuur die zich in de reservaten ontwikkeld heeft, nu systematisch zou moeten vervangen worden door IHD-doelen en dit om te verhinderen dat elders ruimte zou moeten voorzien worden om nieuwe natuur i.f.v. de Europese verplichtingen te realiseren. Ik geef een voorbeeld: de orchideeëngraslanden van de Snoekengracht met 10 000 brede orchis zijn geen Europese Habitat. Indien de Snoekengracht wél in een Speciale Beschermingszone Natura 2000 was gelegen, is het gevaar reëel dat we het beheersplan verplicht zouden moeten bijstellen om de orchideeëngraslanden om te vormen tot bv. een elzenbroekbos, wat een Europese Habitat is. Zoals het nu in de geesten van vele actoren leeft en zijn weerspiegeling vond in de verschillende versies van het voorontwerp decreet, dreigt de noodzakelijke realisatie van de Europese natuurdoelstellingen de natuur in de reservaten van de terreinbeherende verenigingen gewoon op te eten en te verdringen. En dat alles opdat er toch maar geen natuur in het o zo natuurarme Vlaanderen zou hoeven bij te komen! Je kunt daar mooie slagzinnen bij verzinnen zoals ‘zuinig ruimtegebruik’ of ‘sterkste schouders, zwaarste lasten’ laten dragen. Het eerste komt erop neer dat de bestaande, hoogwaardige natuur moet omgevormd worden tot Europese Habitatdoelen om de oppervlakte natuur elders maximaal te beperken. Het tweede komt erop neer dat zij die al de grootste inspanningen leverden vanuit engagement en met grote eigen inbreng zowel financieel en aan menskracht, in de toekomst hun inspanningen en eigen inbreng zullen moeten inzetten opdat de Vlaamse Overheid aan haar Europese verplichtingen zou kunnen voldoen. De omgekeerde wereld verpakt in een prachtige slogan: sterkste schouders, zwaarste lasten. Beter zou zijn: zwaarste lasten afgewenteld op de willigste schouders.

Kortom

Wat nu voorligt als voorontwerp decreet is onrijp, dreigt de werkende systemen zoals de verplichte bosbeheerplannen en de beheerplannen van natuurreservaten op de helling te zetten, is niet sluitend, legt de lat te laag, bouwt bij gebrek aan duurzaamheid de kapitaalvernietiging in. Hopelijk wordt er de komende dagen en weken nog veel geremedieerd om de scherpe kanten bij te stellen. Maar het zullen goede chirurgen moeten zijn om dit nog om turnen tot een decreet dat zowel een perspectief voor de toekomst biedt als continuïteit voor de bewezen goedwerkende beheerssystemen, nl het reservatenbeleid. Een nieuw decreet mag er maar komen als dit leidt tot versterking en verduurzaming van de positie van natuur. Het moet daarenboven duidelijk zijn dat een nieuw natuurdecreet dat aan alle doelgroepen (naast de overheid vooral de private eigenaars) tegemoet wil komen, maar terzelfdertijd de legitieme natuurbehoudsbekommernis en de unieke rol van de erkende terreinbeherende verenigingen zoals Natuurpunt Beheer en Stichting Limburgs Landschap met hun vele natuurbeheersvrijwilligers onderuit haalt, gedoemd is te mislukken en de ziel en een catalysator voor een biodiversiteitsbeleid raakt. Vanuit de mobilisatiekracht en veerkracht van de beweging moeten we dit radicaal ombuigen en duidelijk durven kiezen voor meer en duurzame natuur, in én buiten de natuurgebieden, in én buiten de reservaten. Van een passief en defensief beleid terug naar een actief beleid.

Daarvoor hebben we jou nodig om dit mee uit te dragen.

Hugo Abts, Bierbeek 19/10/2013


Hugo Abts,
Voorzitter Natuurpunt Oost Brabant,
Regionale Vereniging voor Natuur en Landschap.

PS: Dit editoriaal is gedateerd. Bierbeek zaterdag 19 oktober. Op een moment dat de Interkabinettengroep al een volle week over het voorliggend ontwerp delibereert voor doorleiding naar de Vlaamse Regering op 25 oktober en dan naar het Vlaams Parlement. Voor éénmaal hoop ik dat mijn editoriaal op het ogenblik van het verschijnen achterhaald is omdat ondertussen nog substantiële wijzigingen aangebracht zijn. Ik hoop dat in de laatste rechte lijn nog fundamentele bijstellingen gebeuren zodat dit editoriaal voorbijgestreefd en gedateerd is. Maar ook dan vind ik dit editoriaal essentieel en nuttig omdat ik van mening ben dat onze Natuurpunt-achterban moet geïnformeerd worden over het actueel beleidsdenken rond natuur en hoe essentieel het is dat we vanuit de natuurbeweging dit beleid opvolgen en door onze aanwezigheid het verschil maken naar het beleid én naar het beheer.


Deze nieuwsbrief is bedoeld voor de actieve medewerkers, werkgroepen, beheerteams binnen de regionale vereniging NPOB. Deze nieuwsbrief verschijnt minstens eenmaal per maand vlak na de vergadering van de raad van bestuur NPOB (1° vrijdag van de maand), behoudens extra edities.

Indien u deze nieuwsbrief niet wenst te ontvangen, gelieve een mail te sturen naar npob@natuurpunt.be met vermelding 'Uitschrijven Nieuwsbrief'